Fosfor houdt je skelet stevig en helpt bij de energievoorziening van je lichaam. Het zit vooral in melk, vlees, vis en brood. Je eet er eerder te veel van dan te weinig. Bij een te hoge dosis wordt de kans op botontkalking groter.
Jodium heb je nodig voor een goed werkende schildklier. Je schildklier – die zich bij je luchtpijp bevindt – maakt het hormoon thyroxine aan. Die stof regelt de stofwisseling. Maar dat kan alleen als je voldoende jodium in je lichaam hebt.
Bij een tekort aan jodium kan krop (struma) ontstaan. Hierbij zwelt de schildklier op. Bij kinderen heeft dit een achterstand in de lichamelijke en geestelijke ontwikkeling tot gevolg.
Bij volwassenen vertragen de reacties, houden de weefsels vocht vast en vermindert het denkvermogen. Jodium zit vooral in zoutwatervis, zeewier en met jodium verrijkt keukenzout.
Kalium zorgt samen met natrium voor je vochthuishouding, het goed functioneren van je spieren en een normale bloeddruk. Het zit in bijna alle voedingsmiddelen. Tekorten komen dus niet veel voor en ook over te grote hoeveelheden kalium is weinig bekend.
Koper
Koper heb je nodig om ijzer om te zetten in hemoglobine. Op die manier is koper mede verantwoordelijk voor het zuurstoftransport binnen je lichaam. Verder speelt het een rol bij de pigmentatie van je huid en haar, de vorming van je botten en bindweefsel en de werking van je spieren.
Koper zit onder andere in krab, kreeft, sardientjes, graanproducten en orgaanvlees. Verder zijn groente en fruit en cacaoproducten bronnen van koper.
MagnesiumDit mineraal is vooral belangrijk om je spieren te kunnen ontspannen. Daarnaast laat het je hart en zenuwstelsel goed functioneren.
Magnesium komt in bijna alle voeding voor, dus wat dat betreft hoef je je weinig zorgen te maken over een eventueel tekort. Toch kan het wel voorkomen en leidt een langdurig tekort aan magnesium tot irritatie van de zenuwen in de spieren, hartritmestoornissen en maagkrampen.
MangaanVoor een goede botstructuur heb je mangaan nodig. Het houdt ook de gezondheid van je zenuwen op peil en speelt een rol bij de stofwisseling van koolhydraten en cholesterol. Mangaan is onder andere te vinden in thee, bruine rijst, noten en graan.
NatriumNatrium is een belangrijk bestanddeel van keukenzout. Het houdt de hoeveelheid vocht in je lichaam mee op peil. Daarnaast regelt het de samentrekking van je spieren en de geleiding van zenuwprikkels. Natrium werkt daarvoor nauw samen met een ander mineraal: kalium.
Je kunt te veel natrium binnenkrijgen als je te zout eet. Dat verhoogt het risico op een hoge bloeddruk. Als je overmatig zweet, verlies je juist natrium. Dat kan leiden tot uitdrogingsverschijnselen. Sportdrankjes vullen het tekort weer aan.
Selenium
Selenium beschermt je lichaam tegen de invloed van schadelijke stoffen. Zo neutraliseert het zware metalen, die je via verontreiniging binnenkrijgt. Selenium verkleint de kans op hart- en vaatziekten en bepaalde vormen van kanker.
Het zorgt ook voor de productie van gezond sperma. Er zijn bovendien aanwijzingen dat het beschermt tegen het ontstaan van prostaatkanker. Je vindt dit mineraal vooral in noten, rijst, granen, vis en garnalen.
IJzerIJzer is een bouwsteen van hemoglobine, een onderdeel van de rode bloedcellen. Rode bloedcellen vervoeren zuurstof van de longen naar andere delen van je lichaam. Bij een ijzertekort (bloedarmoede) wordt dat transport moeilijker. Je krijgt dan last van duizeligheid en concentratieproblemen.
Je kunt ook een teveel aan ijzer hebben: dat heet ijzerstapelingsziekte. Het leidt tot chronische vermoeidheid en beschadiging van je organen. Tijdens je menstruatie of zwangerschap heb je meer ijzer nodig dan normaal.
Je haalt ijzer onder andere uit vlees, aardappels, brood en groente. De vorm ijzer die in plantaardige voedingsmiddelen voorkomt, is minder goed op te nemen in het lichaam. Vitamine C heeft hier een positieve invloed op. Een glas sinaasappelsap bij het ontbijt zorgt dat de ijzer uit het brood wel goed wordt opgenomen.
ZinkZink is belangrijk voor de groei en vernieuwing van weefsels. En voor een sterk afweersysteem, de genezing van wonden en een goed reuk-, smaak- en gezichtsvermogen. Zink zit veel in vlees, vis, rijst en bruin brood. Bij kinderen kan een tekort aan zink een groeiachterstand veroorzaken.
Bron: Angélique van Beers voor GezondheidsNet